De Vlaamse Beweging is een stroming van personen en verenigingen die zich richten op de culturele, politieke en economische emancipatie van Vlaanderen en de Vlamingen. De Vlaamse Beweging streeft naar meer bestuurlijke autonomie en/of Vlaamse onafhankelijkheid.

Geschiedenis

Fragment uit het manuscript Poëtische Werken, 1807-1815 van Jan Frans Willems met vele politiek getinte gedichten.[1]

Historische context

Sinds de onafhankelijkheid van België in 1830 werd het Frans ingevoerd als officiële landstaal. Dit omdat de heersende klasse in zowel Vlaanderen als Wallonië Franstalig was. Hierdoor ontstond de verfransing van het openbare leven in Vlaanderen waar de bevolking voornamelijk Nederlandstalig was. Het secundair en hoger onderwijs, het parlement, het leger en de kerkleiding waren aanvankelijk allemaal franstalig. Een Vlaming die iets wilde betekenen moest overschakelen naar het Frans, het spreken van het Frans werd doorgaans ook opgedrongen. Desondanks werd taalvrijheid ingeschreven in de Belgische grondwet waardoor het gebruik van het Nederlands in het lager onderwijs, de lokale besturen, het gerecht en in publicaties doorgaans werd getolereerd.

Het ontstaan van de Vlaamse Beweging

De eerste reactie op deze verfransing kwam vanuit artistieke milieus, meer bepaald schrijvers en dichters zoals Conscience, Rodenbach en Gezelle. Daarna deinde de beweging uit tot al de andere artistieke disciplines. Het werd een algemeen cultuurflamingantisme. Als kunstenaars en intellectuelen behoorden zij doorgaans zelf tot de bourgeoisie.

Vanaf 1870 kreeg de Vlaamse Beweging een bredere, volkse basis. Zij werd meer en meer een politieke beweging met eisen als de volledige vernederlandsing van het onderwijs en het openbaar leven in Vlaanderen. De Vlaamse studentenbeweging was de drijvende kracht achter deze evolutie. Naast invloedrijke figuren als Jan Frans Willems en August Vermeylen, die hun politieke overtuigingen vaak overbrachten via literatuur en poëzie, trad er een hoofdzakelijk katholieke intelligentsia naar voren met personen als Hugo Verriest, Frans Van Cauwelaert en Julius Vuylsteke.

Eerste Wereldoorlog

De Eerste Wereldoorlog weet de Vlaamse Beweging te verdelen in verschillende stromingen. Hierbij was er sprake van de passivisten, die iedere samenwerking met de Duitsers afwezen en de activisten, die meewerkten met de bezetter. Daarnaast onstond er ook wrevel aan het front. Aangezien de Belgische legerleiding eenzijdig franstalig was zorgde dit voor ernstige moeilijkheden op het slagveld, dit omdat Vlamingen doorgaans geen of weinig Frans spraken. Hieruit ontstond de Frontbeweging, waarbij Vlaamse soldaten verzet toonden tegenover hun Franstalige oversten. De Vlaamse soldaten toonden hun ongenoegen door grafstenen met de letters AVV-VVK (Alles voor Vlaanderen-Vlaanderen voor Kristus) bij de graven van honderden gesneuvelde Vlaamse soldaten te plaatsen. Een aantal soldaten werden omwille van hun Vlaamsgezindheid echter gestraft met onderandere dwangarbeid.

Tweede Wereldoorlog

Tijdens het interbellum organiseerde de Vlaamse Beweging zich op politiek vlak via de Frontpartij. In 1921 ontstaat het territorialiteitsbeginsel, waarbij spreektaal ook bestuurstaal zal worden. Hieruit ontstonden automatisch de taalgebieden. Zo werd de Universiteit Gent in 1923 tweetalig en in 1930 eentalig Nederlands.

Ook de tweede wereldoorlog zou de Vlaamse Beweging verdelen. Enerzijds waren er tal van Vlamingen die de Duitse bezetting ondergingen en zelfs in het verzet traden tegen de bezetter. Anderzijds was er een aanzienlijk deel van de Vlaamse Beweging die eerst via het VNV (Vlaams Nationaal Verbond) en later via het Vlaams Legioen zouden collaboreren met de nazi’s. Tijdens deze zwarte periode werden vele Vlamingen door Vlamingen gedeporteerd naar concentratiekampen. De repressie na de oorlog leidde dan ook tot zeer harde bestraffingen: meer dan 400.000 dossiers, en 240 doodstraffen. De Vlaamse Beweging was organisatorisch vernietigd en kampte met morele bezwaren. Toch werd in mei 1949 de Vlaamse Concentratie opgericht, de eerste naoorlogse Vlaamsgezinde partij.

Democratische groei van Vlaanderen

De taalgrens zoals deze werd vastgelegd in 1962.

Het opblazen van de IJzertoren in 1946 gaf de Vlaamsgezinde opinie een eerste impuls. Een tweede was de Koningskwestie, waarbij de tegenstelling tussen Vlamingen en Walen opnieuw sterk naar voren kwam. In de jaren 60 werd de Vlaamse Beweging opnieuw een brede volksbeweging waarvan de Christelijke Vlaamse Volksunie, opgericht in 1954 en later Volksunie genoemd, de partijpolitieke emanatie was. Het verzet tegen de verfransing van Brussel, die door middel van de talentellingen geofficialiseerd werd, leidde tot twee indrukwekkende marsen op Brussel met tienduizenden deelnemers. Hierdoor werd de taalgrens in 1962 definitief vastgelegd, dit was het belangrijkste levenswerk van voormalig kamerlid Jan Verroken (CVP). In 1968 volgde de strijd voor Leuven Vlaams.

In 1977 werd de Volksunie bij de onderhandelingen rond een tweede staatshervorming betrokken. De onderhandelingen mondden uit in het omstreden Egmontpact, genoemd naar het Egmontpaleis, waar de heimelijke vergaderingen ’s nachts plaatsvonden. Het akkoord stuitte op massaal protest. Met name de rechtse en radicaal anti-Belgische vleugel van de Vlaamse Beweging vond dat er te veel toegevingen aan de Franstaligen waren.[2] Ondanks het protest werd het Egmontpact door de partijraad van de Volksunie met een tweederdemeerderheid goedgekeurd, maar het protest hield aan en de premier, Leo Tindemans, diende hierop onverwachts zijn ontslag in. De regering-Tindemans IV was gevallen en het pact werd nooit tot uitvoering gebracht. Het kwam uiteindelijk tot een breuk binnen de Volksunie, die leidde tot het ontstaan van het Vlaams Blok in 1978. Bij de derde staatshervorming in 1988 kwam de definitieve doorbraak van het federalisme in België.

Een tram van de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn.

Sinds het ontstaan van het Eurovisiesongfestival in 1956 besloten de Vlamingen en Walen hun deelnames op te splitsen en nemen hierdoor jaarlijks afwisselend deel aan het Eurovisiesongfestival. In 1991 splitste de toenmalige Nationale Maatschappij van Buurtspoorwegen (NMVB) in een Vlaams en een Waals deel, waaruit later de Vlaamse vervoersmaatschappij De Lijn zou voortkomen. Met het Sint-Michielsakkoord in 1993 werd België formeel een federale staat en kreeg Vlaanderen in 1995 haar eigen volwaardig Vlaams parlement en regering. Hierdoor kon ze voor het eerst eigen bevoegdheden zelfstandig uitoefenen zoals cultuur en onderwijs. In 1998 ontstond de Vlaamse Radio- en Televisieomroeporganisatie of VRT als volwaardige Vlaamse openbare omroep.

Het logo van de VRT.

In 1999 werden door het Vlaams parlement goedgekeurd die een verregaande autonomie beoogden. Deze resoluties werden onder leiding van regering-Van den Brande IV voorbereid in de commissie voor Staatshervorming. Deze resoluties betroffen meer financiële en fiscale autonomie van Vlaanderen en meer coherente bevoegdheidspakketten, en dus een verdere splitsing van het land.







Hedendaagse Vlaamse Beweging

De Vlaamse beweging in protest te Brussel.

Vlaamse onafhankelijkheid of confederalisme

Vlaanderen kent verschillende Vlaamsgezinde verenigingen en organisaties. Het zijn bijna uitsluitend de Vlaamse politieke partijen met een duidelijk uitgesproken Vlaamsgezindheid of Vlaams-nationalisme die het debat rond confederalisme en Vlaamse onafhankelijkheid weten te voeren.

De Vlaamse Christendemocraten (CD&V) zijn uitgesproken voor confederalisme, waarbij twee of drie deelstaten binnen België een verregaande autonomie verkrijgen. De Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA) en Lijst Dedecker (LDD) verkiezen ook het confederalisme, maar sluiten Vlaamse onafhankelijkheid niet uit. Tot slot is het Vlaams Belang (VB) de enige partij die uitgesproken kiest voor Vlaamse onafhankelijkheid. De Vlaams-nationale partijen komen volgens verschillende peilingen steeds dichter bij een absolute meerderheid in het Vlaams parlement. Vanuit de Vlaamse Beweging gaan er stemmen op om via een onafhankelijkheidsverklaring de onafhankelijkheid van Vlaanderen uit te roepen, in navolging van de Spaanse deelstaat Catalonië. De Vlaamse Beweging ijvert voor het principe van “het Europa der Volkeren” als toekomstbeeld voor Europa. Men meent dat de nationale en federale structuren als tussenniveau binnen Europa overbodig zouden worden.

Het Vlaams parlement te Brussel.

Democratie

Mits dat Vlaanderen zich wist te ontpoppen als volwaardige deelstaat verweert de Vlaamse Beweging zich tegen de ondemocratische wijze waarop België zou functioneren.

Vlaanderen koos afgelopen decennia overwegend voor centrum-rechtse partijen, waarbij Wallonië overwegend koos voor centrum-linkse partijen. Vanuit de verschillende Vlaamse en Waalse democratieën tracht men een politieke optelsom te maken om via die weg een federale regering te vormen. De moeizame regeringsonderhandelingen van 2010 tot 2011 zorgde ervoor dat België bijna 1,5 jaar (541 dagen) onbestuurbaar was. De regering Michel I viel op 9 december 2018 waarbij pas na de verkiezingen in mei 2019 en uiteindelijk op 1 oktober 2020 de regering De Croo werd gevormd, dit zonder Vlaamse meerderheid. Hierbij mocht de zevende partij van het land de premier leveren en werden de twee grootste Vlaamse partijen buitenspel gezet, dit was echter nooit gezien. Ook het aantal voorkeurstemmen die een federaal kamerlid nodig heeft om verkozen te geraken is verschillend in Vlaanderen en Wallonië. Zo zou een Vlaams kamerlid meer voorkeurstemmen moeten behalen om een zetel te bekomen, iets wat volgens de Vlaamse beweging ver weg staat van het principe: ‘one man, one vote’.

Solidariteit

Doorheen de jaren is er een geldstroom ontstaan vanuit Vlaanderen naar Wallonië of de zogenoemde transfers. Volgens een studie uit 2019 van de IESEG School of Management van Parijs bedraagt de transfer een jaarlijks bedrag van € 6,5 miljard euro[3], wat zou neerkomen op een € 1.000 per levende Vlaming. De Vlaamse beweging is echter niet akkoord met de transfers omdat ze niet in verhouding staan met de politieke vrijheid en onderlinge solidariteit. De Vlaamse beweging verwijst naar de hoge belastingsgraad van België, de zware financiële kosten voor de vele parlementen en parlementsleden.

Het logo van de TV-zender van het Vlaams parlement.

Taalgrens

Mits dat de taalstrijd zich groot deels in het verleden afspeelt blijft de Vlaamse beweging strijden voor de toepassing van de taalwetgeving in het Brussels hoofdstedelijk gewest en in de Vlaamse rand rond Brussel. Volgens de Vlaamse beweging zouden de Franstaligen systematisch de randgemeenten rond Brussel verfransen om zo een aanhechting te kunnen organiseren met Brussel, waar men overwegend Franstalig is. De Vlaamse beweging houdt ook nauwlettend de taalwetgeving bij lokale besturen in het oog, dit om ervoor te zorgen dat de Nederlandse taal overal degelijk gevoerd zou worden.

De strijdvlag van de Vlaamse beweging.
De officiële vlag van Vlaanderen als deelstaat.

Symboliek

De Vlaamse beweging manifesteert zich graag op hun nationale feestdag, 11 juli, de feestdag van de Vlaamse Gemeenschap. Hierbij herdenkt men de Guldensporenslag uit 1302 waarbij het Vlaamse leger de Franse bezetter overwon. Men neemt ook actief deel aan de ronde van Vlaanderen en het Vlaams Nationaal-zangfeest. De Vlaamse Beweging hanteert de Vlaamse Leeuw als hun symbool en beschouwd men de Vlaamse Leeuw als hun nationaal volkslied.

Vlaamsgezinde verenigingen en organisaties

Zie ook

Externe links

Zie de categorie Flemish Movement van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.