Sint-Ursula

De Orde van de Ursulinen (Latijn: Ordo Sanctae Ursulae; O.S.U.) is een katholieke vrouwelijke kloosterorde die in 1535 door Angela Merici (1474-1540) te Brescia werd gesticht en als beschermheilige Ursula van Keulen kreeg. De stichting van de orde werd door paus Clemens VII (1478-1534) bevestigd. In 1612 werden de Ursulinen tot orde verheven. Deze orde wijdde zich aan het opvoeden en onderwijzen van meisjes en stichtte scholen vanaf 1645. Vanaf de 17e eeuw was ze ook in Noord-Amerika actief.

Congregaties van ursulinen

Nadat in de Franse Tijd in West- en Midden-Europa de meeste kloostergemeenschappen waren opgeheven, ontstonden in de negentiende eeuw nieuwe stichtingen in de vorm van congregaties. Nieuwe kloosters en scholen ontstonden in België, Duitsland en Nederland. Stuwende kracht achter de heroprichting was in België de Tildonkse dorpspastoor Joannes Lambertz, die in 1818 een deel van zijn pastorie omvormde tot dorpsschool. De Ursulinen van Tildonk volgden sinds 1832 de derde regel van Augustinus en werkten een unieke formule uit van gratis volksonderwijs, gecombineerd met betalend kostschoolonderwijs. Vanuit Tildonk werden meer dan veertig andere kloosters opgericht, in Nederland in alfabetische volgorde onder meer in Boxtel, Eijsden, Grubbenvorst, Maastricht, Sittard, Uden en Venray. In Maastricht vestigden zich de Ursulinen van Tildonk (B) op aandringen van mgr. Louis Rutten in 1850. Deze stichting zou uitgroeien van bewaarschooltje tot instituten voor lager, middelbaar en kweekonderwijs.

Ursulinen waren sedert 1855 ook actief in de missie in Nederlands-Indië. Ze waren de eerste vrouwelijke religieuzen in de kolonie, in 1859 gevolgd door de eerste mannelijke religieuzen, de Jezuïeten. Zes zusters en een overste slaagden erin in de wijk Noordwijk van Batavia een school op te richten, het Groote Klooster. Vanuit Noordwijk zijn de volgende stichtingen voortgekomen: Batavia Weltevreden (ook Postweg, Kleine Klooster of Djakarta Djalan Pos genoemd; in 1859), Soerabaja (Kepadjan; in 1863), Buitenzorg (1902), Bandoeng (Merdeka; in 1906/1907) en Batavia-Theresia (1927). Soerabaja telde in 1908 maar liefst 90 Ursulinen. Vanuit het klooster in Soerabaja kwamen weer drie nieuwe stichtingen voort: Malang (1900), Madioen (1914) en Soerabaya-Darmo (1922). Ook uit de stichtingen in Bandoeng en Weltevreden zijn weer nieuwe stichtingen voortgekomen.

De Ursulinen van Bergen (Noord-Holland), in 1898 gesticht voor het bisdom Haarlem, vormen een eigen congregatie.

In België hadden/hebben ze scholen in Bergen (1633), Mechelen (Ursulinen Mechelen), Tildonk (Sint-Angela-Instituut), Onze-Lieve-Vrouw-Waver (het Sint-Ursula-Instituut sinds 1841), Lier (Sint-Ursula-Instituut), Londerzeel (het Virgo Sapiens Instituut) en Ternat (het Sint-Angela instituut).

In het in het voormalig ursulinenklooster te Eijsden (Nederlands Limburg) gevestigde Internationaal Museum voor Familiegeschiedenis is een kamer gewijd aan de geschiedenis van de ursulinen. De congregatie telde anno 2005 nog ongeveer 13.000 leden.

Zie ook

Externe links

Literatuur

  • Philippe Annaert, Les collèges au féminin. Les Ursulines. Enseignement et vie consacrée aux XVIIe et XVIIIe siècles, 1992, ISBN 2930021020
  • Philippe Annaert, Vie religieuse féminine et éducation entre Somme et Rhin. Les ursulines et leurs collèges aux XVIIe et XVIIIe siècles, onuitgegeven doctoraatsthesis, Université Catholique de Louvain, 1990
  • Philippe Annaert, "Une œuvre d’éducation sous l'ancien régime. Les ursulines dans les Pays-Bas aux XVIIe et XVIIIe siècles", in: La critique historique à l'épreuve. Liber discipulorum Jacques Paquet, 1989, p. 175-186
  • Constant Van De Wiel, "Ursulinenkloosters in het oude aartsbisdom Mechelen (1665-1798)", in: Ons Geestelijk Erf, vol. 59, 1985, p. 574-586
  • Kristien Suenens, Eén man, duizend vrouwen. De ursulinen van Tildonk, in: Koorts, erfgoedmagazine van KADOC, 2020, nr. 1.²
Zie de categorie Ursulines van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.